U gebruikt een verouderde browser. Wij raden u aan een upgrade van uw browser uit te voeren naar de meest recente versie.

www.rinirikkert.nl

Padwerklezing 4 - Gedeprimeerd zijn  Eva Pierrakos

hertaling: Rini Rikkert.

 

Een goddelijke groet! Ik breng jullie de zegen van God.

Mijn lieve vrienden, aangezien sommigen bezig zijn met de vraag waarom ze zo regelmatig overvallen worden door een gedeprimeerd gevoel, wil ik dit thema kiezen voor deze lezing.

De basis van dit gevoel heeft weer verschillende wortels, er kunnen dus meerdere oorzaken zijn voor deze gedeprimeerde toestand. Heimwee naar God en naar volmaaktheid speelt uiteraard een rol, bewust of onbewust. Maar het heeft ook te maken met het heimwee van ieder mens naar je geestelijke ‘thuis’…

want hier op aarde ben je maar te gast,

het is niet je werkelijke thuis.

Maar dit alles is nog niet eens de hoofdoorzaak van die gevoelens. Er spelen nog andere ingewikkelde achtergronden mee, en daar wil ik het nu over hebben.

 

Als je als mens in relatie tot je ziel, afwijkt van de goddelijke wetmatigheden (hoe onbewuster je bent, des te vaker dat gebeurt) dan kan zo’n vaag gevoel van treurigheid en heimwee je zomaar overvallen. Het is als het ware de reactie, de aansporing van je hogere zelf, dat binnen in je niet alles in orde is.

Een mens weet bijvoorbeeld vaak niet hoe je gevoelens van echte liefde kan laten groeien; je kan deze, voor de mens zo noodzakelijke, liefde niet altijd op de goede manier geven, en daarom komt ze ook niet goed en bevredigend bij je terug.

Een gedeprimeerd gevoel is dan de reactie van je eigen ziel. Je gelooft weliswaar vaak dat je zelf toch zo goed liefde kan geven – en dat kan nog waar zijn ook - maar dit vermogen tot liefhebben heeft dan toch niet het juiste effect, omdat andere misvattingen in de ziel dit verhinderen.

 

Dat kan van alles zijn, zoals angst, of het eigen ego dat te veel op de voorgrond staat, enz. enz. Het gebeurt bijvoorbeeld vaak dat mensen wel naar liefde verlángen en ook bereid zijn om het te geven, maar alleen op voorwaarde dat ze eerst zélf die liefde krijgen. Met deze koehandel doe je niet alleen de deur dicht, maar veroorzaak je precies dat soort misstanden in de ziel waar ik het al over had. Omdat je op deze manier eenzaam blijft, zal dat dan weer zulke ‘depri-gevoelens oproepen.

Je menselijke angst vertelt je: ‘mijn trots kan eronder leiden; misschien word ik wel gekwetst, pijn gedaan als ik als eerste toegeef, zonder zeker te zijn.’

De angst voor teleurstelling is een teken van overmatige kleinzerigheid, en dat is weer een teken dat je jezelf op een verkeerde manier te serieus neemt.

Bij dit hele innerlijke proces is het IK het centrum die de echte liefde had moeten laten doorstromen, maar in plaats daarvan werkt het alleen maar tegen. Dat is tegen de wetmatigheden, en daarom moet de ziel eronder lijden. Op het moment waarop je ook hier weer de innerlijke bakens verzet, en je eventuele vreselijke kwetsbaarheid – jezelf dus – niet meer zo serieus neemt, op dát moment kan je de liefde echt en zuiver geven. De ander, met alles wat hij tekort komt en kan ontvangen, wordt dan belangrijker dan jijzelf met je ijdelheden en je trots. Daarmee zal ook het gevoel van onvervuld-zijn, dat vage heimwee, wijken. Je vervult dan een belangrijke levensfunctie en je bent dan in ieder geval op dit vlak in harmonie met God en je eigen hoger zelf.

Begrijp me niet verkeerd: ik wil hiermee niet zeggen dat het altijd om egoïsten zou gaan. Misschien ben je zelfs wel minder egoïstisch dan iemand die deze sleutel tot de ware liefde al gevonden heeft. We moeten onderscheid maken tussen ‘egoïsme’ en ‘egocentrisme’. Allebei fout, maar ze werken niet altijd op dezelfde manier. En het is ook niet zo, dat zo iemand altijd krenterig is, en niets wil geven. Het is eenvoudig zo, dat deze gevoelsstromen zich onwetend en wel in een verkeerde richting laten sturen, door het ziekelijke lagere menselijke zelf.

En daarbij is het ook niet altijd zo, dat de betreffende persoon van helemaal niemand zou kunnen houden. Soms zijn er één of meer mensen aan wie hij zijn volledige liefde openbaart. Maar toch blijft hij zich gedeprimeerd voelen.

 

Het is namelijk zo, dat als deze gevoelsstromen wél de juiste banen zouden volgen, ook wat betreft die paar geliefden, dan zou die liefde zich niet concentreren op een klein aantal mensen. Iedereen in je omgeving, waarvoor je maar enigszins sympathie kon opbrengen, zou dan je volledige liefde kunnen krijgen. Een liefde die niet steeds bang is, iets te riskeren. Zóveel liefde zelfs, dat de ander gevoelsmatig net zo belangrijk wordt als jijzelf. En, vrienden, dat is echt niet zo vanzelfsprekend. Je kan het principieel en intellectueel nóg zo met deze woorden eens zijn, het gevoel gaat daar meestal niet in mee. Dat is maar hoogst zelden het geval. Ja, de liefde die men voor ieder medemens koestert, is steeds weer anders. Ten eerste is het voor jullie, mensen, nog vanzelfsprekend dat je veel meer van de één houdt dan van de ander. Voorlopig valt er ook niets anders te verwachten, zolang je nog aan het incarneren bent. Je weet zelf wel, dat je van een moeder anders houdt dan van een partner, van broers en zusters anders dan van je kind, van je vader anders dan van een vriend, en van je vriend weer anders als van anderen. Zoveel andersoortige liefdesstromen zijn er, die weer ieder geestelijke substantie en vorm bezitten. Al die kleuren, nuances, tonen en geuren zijn telkens anders. De liefdeskracht in de mens zou groot genoeg zijn om al die verschillende stromen te produceren, als de ziekelijke neigingen van het ego dat niet zouden verhinderen. Vaak voelt het vaag, als je heel veel van iemand houdt, alsof je daarmee een ander minder liefde kan geven. Andersom gebeurt dat ook veel. Dan voelt het alsof jij tekort komt, als anderen ook liefde krijgen. Maar echte, gezonde liefde valt niet te verdelen, zij wordt niet minder. Hoe meer liefde je geeft, des te meer verspreidt zij zich verder. Dat is een eeuwige wetmatigheid, die de mens in zichzelf moet ontdekken. Zo gaat het bij God ook, die van zijn ontelbaar vele kinderen houdt. Die liefde wordt alleen maar méér, nooit minder. (Om misverstanden te voorkomen: ik heb het hier niet over erotiek of seks).

 

Hoe die echte, gezonde liefde te bereiken is? Je kan jezelf er in ieder geval niet toe dwingen. Je kan het alleen op een indirecte manier bereiken, door bij jezelf te beginnen. Ga tot op de bodem onderzoeken, zonder jezelf in de maling te nemen, hoe groot de rol is die jouw ego hierin speelt, en je kleinzerigheid, en je ijdelheid, en je trots. Als je dat eenmaal erkent, heb je de eerste stap gezet op weg naar het ervaren van ware liefde, en daarmee ook het oplossen van elk gevoel van hunkeren, treurigheid, heimwee, of hoe je het verder ook maar noemt. Dat kan je dus alleen maar zelf doen. Ontdek je gaandeweg, dat het van binnen niet helemaal in orde is, dan weet je, dat ook jouw ziel op dat terrein heling nodig heeft.

 

Als je al je liefde concentreert op één medemens, en je doet dat, zoals boven omschreven, op een verkeerde manier, omdat de ziel wat dit betreft niet helemaal gezond is, dan zwakt zelfs die liefde voor één af. Je bent bijvoorbeeld zó bang de liefde van de ander te verliezen, dat je je persoonlijkheid niet trouw blijft met als gevolg dat je jezelf vernedert en door de ander vernederd wórdt. Dat is een ongezonde vorm van nederigheid, gebaseerd op zwakheid, angst enz. in plaats van kracht. Die mensen geloven dan vaak, dat het allemaal een teken van ware en grote liefde is, maar daarmee neem je jezelf in de maling. Er zijn ook mensen die hier juist heel bang voor zijn, en daarom maar helemaal geen sterke gevoelens toelaten.

 

Bij gezonde en echte liefde hoef je je eigen waardigheid niet tekort te doen. Wel moet je het grote belang ervan opgeven, maar juist omdat je het opgeeft, kan je dat wat je bereid bent op te geven, winnen. Dat is nu eenmaal de onveranderlijke geestelijke wet. Dus maak in je ziel nauwkeurig onderscheid: je trots, je gewichtige ego moet je opgeven, maar níet de trouw aan jezelf. Dat is misschien moeilijk te begrijpen, maar mediteer erover, dan zal je het leren onderscheiden.

 

Dus. Je kan echt en waarlijk liefhebben en je zal nooit slecht behandeld worden, als…

–  je jezelf niet zo zwaar opneemt als het gaat om je kleine trots en je pijntjes en de eventuele nadelen;

-  je tegenover jezelf je integriteit bewaart;

-  je jezelf niet verwondt uit angst voor verlies van de liefde van de ander.

Je kan wel teleurgesteld raken, maar niet op een ziekelijke manier vernederd worden. Echte liefde zal nooit aan waardigheid inboeten, ze kan ook voor zichzelf opkomen. Deze gezonde waardigheid gaat gepaard met respect, niet met vernedering of uitbuiting. Gezonde liefde zal altijd trouw blijven aan de eigen persoonlijkheid. Ze is ziende, in plaats van blind, sterk in plaats van zwak. En dat kan allemaal, omdat het vroegere doel, de eigen wensen vervullen, niet meer zo belangrijk is vanwege de opheffing van het kleine ego. Ware liefde is dus gezond. Vrij van alle masochistische, sadistische, egocentrische en andere stromen die de eigen persoonlijkheid geweld aandoen. Jullie hebben hier altijd twee tegenovergestelde stromen. Denk daar goed over na, lieve mensen.

 

Een andere grote hindernis voor de liefde, zo vaak meer of minder verborgen in de menselijke ziel aanwezig – is de ANGST. Die kan alleen maar een rol spelen, als je in een relatie te veel van jezelf houdt, jezelf te serieus neemt, te bezorgd bent om je eigen welzijn. Daardoor houd je jezelf als het ware tegen, in plaats van jezelf te laten gaan, jezelf op een juiste en gezonde manier te geven. Wie zichzelf dus te serieus neemt, zal ook bang moeten zijn; wie zichzelf niet zo serieus neemt, hoeft er ook niet voor te vrezen dat hem ‘iets zal overkomen’ als hij liefheeft.

Waar angst is, gaan de gordijnen dicht en word je blind. Blind voor jezelf, blind voor je naasten. Echte liefde is nooit blind, omdat ze alleen maar uit een ziel zonder angst kan voortkomen. Echte liefde zal ook de kracht hebben, min of meer juist te reageren. Valse liefde is zwak en maakt zwak, en geeft daardoor ook verkeerde reacties. Daarom gaat, zoals we al zeiden, natuurlijke waardigheid hand in hand met echte liefde, in tegenstelling tot valse waardigheid, die op trots en ijdelheid gebaseerd is. Als dergelijke valse stromen in de ziel voorhanden zijn, dan produceert de ziel een soort waarschuwingssignalen, in de vorm van zulke gedeprimeerde gevoelens.

 

Een andere oorzaak van dit gevoel is, dat de mens zich terugtrekt in een eenzaam bestaan, door hemzelf geschapen. Ook dat komt voort uit angst. Hij wil zichzelf niet open stellen, niets riskeren, en is in sommige gevallen gewoon egoïstisch. Het lijkt bepaalde voordelen te bieden, zoals geen verantwoordelijkheden voor anderen, je leven uitsluitend en zonder compromissen naar eigen smaak inrichten. Maar de prijs is hoger dan zo’n mens in eerste instantie beseft. Ook hier handelt hij tegen de geestelijke wetmatigheden in. Zijn hogere zelf zal hem met bepaalde gevoelens proberen te bereiken, wat hem zo nu en dan een groot onbevredigd gevoel zal opleveren, naast de gevoelens van alleen zijn, en zich eenzaam en verlaten voelen. In het diepst van de ziel wordt ieder mens aangespoord te geven, te vervullen, ja zelfs zich op te offeren. Maar waar het ziekelijke, blinde en onrijpe stuk in de ziel dat verhindert, ontstaan twee stromen die elkaar opheffen: het ene deel van de ziel wil liefde geven (en daardoor ook ontvangen, omdat wat hij geeft in een eeuwige kringloop weer bij hem terugkomt). Maar dan moet je wel met het geven beginnen, en niet, als zo vaak, wachten tot het jou eerst gegeven wordt. Dit ene deel van de ziel wil zichzelf weggeven, wil vervullen, zich opofferen, en alles dringt erop aan de geestelijke wetmatigheden in iedere innerlijke gevoelstroom te vervullen. Daarom wil dit deel van de persoonlijkheid zichzelf ook wegcijferen, zijn ijdelheden, zijn trots, zijn voordelen niet zo zwaar nemen. Deze hele gevoelsrichting komt uit het hogere zelf, dat weet dat alleen hier vervulling, geluk, harmonie en volmaaktheid te vinden is. Zelfs in een nog laag ontwikkelde ziel is ergens ondergronds deze stroom aanwezig, die bij bepaalde sporadische gelegenheden in het leven doorbreekt.

 

Het andere deel van de persoonlijkheid is gesteld op z’n gemak, die wil niets offeren, ziet zelfs zo nu en dan het licht van geluk, maar geeft er de voorkeur aan in een grauwe, eenzame, risicoloze wereld te leven. Beide stromen recht doen is onmogelijk, omdat ze het tegenovergestelde willen. Deze tegengestelde stromen veroorzaken veel verregaande conflicten in mensen, meer dan ze beseffen. Als je dan psychologische hulp zoekt, omdat je de conflicten die als symptoom ontstaan, niet meer kan verdragen (zonder te weten wat daaraan te gronde ligt, want als je dat wist had je al een eerste stap gezet richting oplossing), kunnen deze stromen dan mettertijd bewust worden. Dan kan je ook de bijbehorende innerlijke beslissing nemen om helemaal voor één van beide richtingen te kiezen, wetend dat je híer moet opgeven om daar te winnen.     

 

Een mens weet meestal intellectueel voldoende om tegen zichzelf te kunnen zeggen: als ik deze kant opga, kan ik niet ook tegelijkertijd de tegenovergestelde kant opgaan, dus ik moet kiezen. Ik sprak al eerder van ‘innerlijke beslissingen’, en zei toen dat ik bij gelegenheid voorbeelden zou geven voor een beter verstaan, omdat daar toen geen tijd meer voor was. Dit is zo’n voorbeeld. Maar deze innerlijke beslissingen kunnen alleen genomen worden als deze verborgen gevoelsstromen duidelijk voor je worden, je ze tot je bewustzijn laat doordringen en dan pas kan vaststellen waar ze in verkeerde banen lopen en elkaar kruisen.

 

Deze tegengestelde gevoelsstromen veroorzaken niet alleen moeilijkheden in je ziel en je geest, maar dit soort kortsluiting kan zelfs lichamelijke moeilijkheden oproepen, zoals vermoeidheid, zwakte en zelfs ziekte. Hoe meer deze tegengestelde stromen steeds weer op elkaar botsen, des te meer kracht wordt er aan de mens onttrokken, kracht die anders in gezonde banen productief zou kunnen werken en daardoor zichzelf steeds zou kunnen vernieuwen.

 

De mens weet nu eenmaal vaak meer met zijn verstand dan met zijn gevoel. Zeker als het de ziekelijke gevoelens betreft, die zolang ze onbewust zijn niet aangepast kunnen worden aan het gezonde denken. Nog even afgezien van al de geestelijke waarheden van de goddelijke wet waar je als mens aan onderworpen bent als je gezond en in harmonie wil leven: ieder mens die ook maar enigermate gezond is zal toch moeten zeggen dat hij niet in twee tegenovergestelde richtingen tegelijk kan gaan. Daarom is dit bewust-maken allereerst noodzakelijk, ook al kost het vaak veel overredingskracht, omdat de meeste mensen ervoor terugschrikken. Jullie zeggen zelf al, dat iemand die geestelijk ziek is in bepaalde opzichten als onvolwassen beschouwd moet worden. Net zoals een kind, die vaak het onmogelijk wil, omdat hij nog niet genoeg verstand heeft om te begrijpen dat iedere daad of nalatigheid consequenties heeft. Een volwassene overkomt dat niet. Die geeft vrijwillig op wat niet mogelijk is, terwijl de geesteszieke en onvolwassene alle voordelen wil, alle alternatieven tegelijk, en niets van de nadelen. En als hij dan moet inzien dat het echt onmogelijk is, zal hij zich alleen maar nog meer opwinden, en worden de conflicten alleen maar groter. Je opwinden over iets wat niet te veranderen valt is op zich al een ongezonde stroming. Deze innerlijke conflicten kunnen ondertussen zo groot worden, dat ze ook in het uiterlijke leven vorm aannemen.

 

Er zijn vele soorten kruisende stromen, buiten die ik al noemde. Zulke kortsluitingen kunnen, naast allerlei andere symptomen, ook leiden tot die onbestemde heimwee en treurigheid. Overkomt het je vaak, zoek het dan in deze richting. Het is bepaald niet gemakkelijk, om deze diep onbewuste stromen bloot te leggen: je hebt er je totale wil bij nodig. Strijd leveren tegen alle weerstand vergt steeds een enorme zelfoverwinning.

 

Heimwee naar God en je thuis aan gene zijde is dus niet de hele verklaring. Tegelijk is het ook waar, dat het gaat om de onvervulde heimwee naar God. Maar dan op een andere manier als je meestal denkt. Je kan namelijk als mens, hier op aarde, heimwee naar God alleen maar stillen door in volkomen harmonie met de goddelijke wetten in jezelf te leven. Alleen zo kan je God nader komen, in harmonie met hem leven en alle hindernissen hebben opgeruimd. Als je je aardse leven ten volle vervult, zoals God graag wil, zo goed als je kan, volgens je individuele opdracht en je eigen ontwikkelingsniveau, dan ben je ook vrij van iedere vorm van innerlijke disharmonie, of het nu gaat om je verscheurd voelen, of bitter, of verkrampt, of treurig. Voor jou geen gedeprimeerd gevoel.

 

Om nog even terug te komen op het ‘innerlijke beslissen’: ik wil nog zeggen, dat zelfs als je voor de negatieve oplossing kiest, maar wel helemaal doordacht, met alle consequenties, en wat je er maar voor moet opgeven (wat een bijna onmogelijke keus is), en je doet dat niet alleen met je verstand, maar je laat je gevoel volgen, dan ben je ondanks alles beter af dan wanneer je gelijktijdig twee onmogelijkheden wil, met alleen maar de voordelen en niet de nadelen. Dat geldt dus als je bewust kiest voor terugtrekken, alleen-zijn, als je uit angst en overgevoeligheid echt geen liefde wil geven, en als je niet met tegenzin, maar uit volle overtuiging bepaalde vreugden en voldoening opgeeft. Zelfs zo’n negatieve beslissing, als je die werkelijk zou nemen, is al meer een stap richting gezondheid dan die houding van innerlijk niet-beslissen, dat gevoel van beide willen hebben. Zo ben je dan als mens tenminste innerlijk een eenheid, je wordt niet verscheurd door innerlijke tegenstrijdigheden. Maar zelfs om zo’n negatief besluit mogelijk te maken moet je de moeite nemen jezelf eerlijk onder ogen te zien en het onbewuste bewust te maken, en toe te geven dat er een prijs betaald zal moeten worden, ook als het de verkeerde is… en dit alles dient dan de gezondheid van de ziel, ook al is het niet ideaal.

 

Als je, uiterlijk of innerlijk (en het is vaak alleen innerlijk) kiest voor terugtrekken en alleen leven, als je egoïsme, je angst, je overgevoeligheid, je trots of wat dan ook sterker is, en dan als consequentie de heimwee naar liefde, vervulling, licht en verbroedering, naar versmelting met iemand anders opdoemt, dan zal je dit gevoel ook meteen herkennen en ermee kunnen dealen. Dan zeg je tegen jezelf: ‘ik heb gekozen, dit is de prijs, die betaal ik liever dan die andere prijs. En juist door de geestelijke arbeid die het kostte om zo’n negatieve innerlijke beslissing te nemen, kan je dan later erkennen, dat je toch liever het goede kiest. Dan besluit je alsnog dat het de moeite waard is om datgene op te geven waar je eerst zo’n moeite mee had.

Maar het grootste onheil ontstaat door het onbewust laten blijven van al dergelijke gevoelsstromen, zonder daarover rekenschap af te leggen, zonder ze zelfs maar te erkennen. Dat is een uitputtingsslag, en voert onvermijdelijk tot conflicten. Het vermoeit de ziel, waardoor vaak niet genoeg kracht overblijft om je leven tenminste op andere terreinen zo goed mogelijk, geestelijk maar ook aards, te volbrengen.

Nu is deze botsing van gevoelens of kortsluiting niet bij iedereen even sterk. Er zijn gradaties. Het is dus nooit een kwestie van het één of het ander. Zo zijn er ook gevallen, waar deze zichzelf tegensprekende gevoelens met extra kracht op elkaar knallen, omdat beide richtingen even sterk met de ziel verbonden zijn. Dan groeien die geestelijke strubbelingen je boven het hoofd, en komt er van je leven helemaal niets meer terecht. Op een bepaalde manier kan dit zelfs beter zijn, omdat je dan eerder de weg naar vrijwillige heling vindt. Dat is anders meestal niet het geval, tenzij je al op een heel hoog geestelijk plan gekomen bent. Of misschien wordt de ene stroming veel meer nageleefd dan de andere, en is het innerlijk conflict niet zo heel erg uitgesproken. Hoe dan ook, je produceert van tijd tot tijd tegenstromen, die je van je kracht beroven. Een volmaakte eenwording van innerlijke krachten bestaat niet.

 

Er zijn ook nog wel andere oorzaken van dit ‘depri-gevoel. Ze zijn allemaal terug te voeren op de één of andere misstand in de zielskrachten, maar de motieven kunnen variëren. Dat ga ik nu niet verder bespreken, er is nu genoeg materiaal voor iedereen die dit hoort of leest om ermee aan het werk te gaan en zichzelf te onderzoeken. Wie daar persoonlijke hulp bij wil hebben, kan daar altijd om vragen. Iedereen die zulke gevoelens van heimwee heeft, weet nu dat hij in zijn onbewuste gevoelsstromen niet helemaal gezond en vrij is. Neem dan je ziel, je hele persoonlijkheid, serieus genoeg om werkelijk alles een keer bloot te leggen. Met hulp, of als je het kan alleen. Maar neem aan de andere kant je pijn, je ijdelheid en je angsten en alles wat minder serieus, want anders kan je echt niet werkelijk ontdekken wat er in je leeft. Alleen zo zal je de moed opbrengen om wat verstopt zit in jou bloot te leggen, te stoppen met uitvluchten verzinnen en dat wat waarachtig in je is te herstellen.

 

Het enige wat ik nog even kort wil aanstippen, al was het maar omdat het hier ook doorheen speelt, is een bepaald soort zelfmedelijden, dat het gedeprimeerde gevoel vaak nog versterkt. Je zwelgt in je eigen narigheid, en geniet er een soort van. Tegelijk overtuig je jezelf ervan dat dit nu eenmaal jouw noodlot is, wat gedragen zal moeten worden. Dat klopt lang niet altijd. Ik heb al uitgelegd dat dit vaak op verkeerde zielstromingen berust, en dat je als mens in staat bent dat te verbeteren. In dit ziekelijke gedoe, van jezelf verlustigen in de narigheid, (jullie noemen het ook wel ‘masochisme’) kan je een paar factoren onderscheiden: enerzijds is het een vorm van weglopen van de werkelijke problemen, die je niet onder ogen wil zien. Anderzijds biedt het een soort compensatie voor de onvolkomenheden van het leven. Die hebben wel voor een deel te maken met een soort noodlot, maar vaak kan er toch echt met moed en wilskracht een oplossing gevonden worden. Als je die deur in jezelf maar open wil zetten. Het maakt niet uit of je dan door een vroeger leven getekend bent of niet, of je nu in dit leven van alles door moet maken. Als je je innerlijke opdrachten vervult, en ik vertel het telkens opnieuw, als je je ziel gaat helen en je gevoel (niet alleen maar je gedachten en daden) in overeenstemming brengt met de geestelijke wetmatigheden, dan móet dat wel tot een gevoelsmatig rijk, harmonisch en dus gelukkig leven leiden. Een vervuld leven, wat je verder ook meemaakt.

 

Wat ten slotte ook nog vaak een rol speelt is dit. Ik heb het al vaak uitgelegd. Als je je verzet tegen iets dat je niet kan veranderen, is de harmonie in jezelf ver te zoeken. Als je een slag van het noodlot weet te accepteren zal het je ziel niet schaden. Je hoeft er niet blij om te zijn, dat is onmogelijk, maar je kan het wel zonder verzet en bitterheid aannemen. Het verdriet wat dan nog over is, zal de ziel in zekere zin bevrijden. Zoiets hebben jullie allemaal al wel eens ondervonden. Elke keer als je weer eens baadt in zelfmedelijden roep je onbewust een herinnering op aan de keren dat er echt iets aan de hand was. Meestal weet je niet eens meer wat, waarom en hoe. Maar ergens wil je het opnieuw oproepen, en dat doe je dan daar waar het niet hoort, daar waar je wel degelijk zelf iets veranderen kan. Eén en hetzelfde gevoel kan dus de ene keer gezond en juist zijn, en de andere keer ziekelijk. Probeer het te begrijpen.

 

Alle zielstromen, of ze nu wel of niet besproken zijn hier, kunnen dus gelijktijdig in je ziel huizen en daar aan het werk zijn. De ene speelt weer in op de andere, een ziekelijke stroom werkt weer op een ongezonde manier in op de andere. Het is ingewikkeld, dus denk er maar goed over na…